De rechtbank Amsterdam behandelde op 28 februari 2023 de vordering van het openbaar ministerie tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door het Belgische parket. De opgeëiste persoon, een Nederlander geboren in 1982 en gedetineerd in een penitentiaire inrichting, was niet aanwezig bij de zitting.
De rechtbank stelde vast dat de identiteit van de opgeëiste persoon correct was vastgesteld. Het EAB betrof een vonnis van de rechtbank van eerste aanleg Brussel van juni 2022. Tijdens de procedure gaf het openbaar ministerie aan dat het EAB was ingetrokken, hetgeen werd bevestigd door een e-mail van 24 februari 2023.
Gelet hierop verklaarde de rechtbank het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in haar vordering tot behandeling van het EAB en stelde vast dat de overleveringsdetentie was geëindigd. Tegen deze uitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open volgens de Overleveringswet.