ECLI:NL:RBAMS:2023:1356

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
8 maart 2023
Publicatiedatum
10 maart 2023
Zaaknummer
13/088896-21
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38m lid 2 SrArt. 6:6:14 Sv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging ISD-maatregel wegens passende begeleiding en woonplek bij zorginstelling

De rechtbank Amsterdam heeft op 8 maart 2023 uitspraak gedaan over de tussentijdse toetsing van de ISD-maatregel van een ongedocumenteerde vreemdeling die al ruim 23 jaar illegaal in Nederland verblijft. De verdachte is sinds 16 juli 2021 onder de ISD-maatregel geplaatst vanwege zijn strafrechtelijke verleden en recidivegevaar.

Tijdens de zitting is gebleken dat ondanks het ontbreken van een verblijfsstatus, de verdachte onder de ISD-maatregel een woonplek met structuur, begeleiding en medische hulp heeft gekregen. De behandelend casemanager en deskundigen hebben bevestigd dat de verdachte uitstekend functioneert binnen deze begeleiding en dat een passende opname bij een zorginstelling is geregeld.

De officier van justitie en de verdediging hebben beiden gepleit voor beëindiging van de ISD-maatregel, omdat het recidivegevaar is geminimaliseerd en de maatschappij voldoende is beveiligd. De rechtbank concludeert dat voortzetting van de maatregel niet noodzakelijk is en dat beëindiging geen onveilige situatie zal veroorzaken.

De rechtbank heeft daarom besloten de ISD-maatregel per 13 maart 2023 op te heffen, zodat de verdachte begeleid kan worden naar de zorginstelling waar hij verdere hulp zal ontvangen. Hiermee wordt voldaan aan het doel van de ISD-maatregel om de maatschappij te beveiligen en recidive te voorkomen.

Uitkomst: De rechtbank beëindigt de ISD-maatregel per 13 maart 2023 vanwege passende begeleiding en woonplek bij een zorginstelling.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Parketnummer: 13/088896-21 (tussentijdse toetsing ISD)
BESLISSING
De rechtbank Amsterdam heeft op 16 juli 2021 de maatregel tot plaatsing in een instelling voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel) voor de duur van twee jaren opgelegd aan:

[veroordeelde] ,

geboren op [geboortedag] 1982 te [geboorteplaats] ( [land van herkomst] ),
zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland,
thans gedetineerd in [detentieplaats]

Procesgang

De rechtbank heeft kennis genomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:
  • het vonnis van deze rechtbank van 16 juli 2021;
  • het verzoek ex artikel 6:6:14 lid 1 van Pro het Wetboek van Strafvordering van de veroordeelde en zijn raadsman, mr. R.M. Seth Paul, om een tussentijdse toetsing van de ISD-maatregel;
  • de processen-verbaal van de terechtzittingen van 11 oktober 2022, 2 december 2022 en 20 januari 2023;
  • een uittreksel Justitiële Documentatie betreffende veroordeelde van 21 februari 2023;
  • het ongedateerde verslag tussentijdse toetsing ISD, aangevuld op 6 maart 2023;
  • de bijlage bij voornoemd verslag tussentijdse toetsing ISD.
De rechtbank heeft de openbare terechtzitting van 8 maart 2023 de officier van justitie mr. S.J. Wirken, veroordeelde, zijn raadsman mr. R.M. Seth Paul, advocaat te Amsterdam, en deskundige M. Kosteczka, senior casemanager ISD verbonden aan [detentieplaats] , gehoord.

Beoordeling

Verloop van het ISD-traject
Uit voornoemd verslag tussentijdse toetsing ISD blijkt onder meer het volgende.
Veroordeelde is een ongedocumenteerde vreemdeling en verblijft ruim 23 jaar illegaal in Nederland. Hij is veelvuldig met justitie in aanraking gekomen en hij heeft in de afgelopen jaren met regelmaat in detentie verbleven. Tot op heden is het hem niet gelukt om een verblijfsstatus te ontvangen of [land van herkomst] documenten te verkrijgen. Wegens zijn illegale verblijfsstatus had veroordeelde geen enkel zicht op werk en inkomen, een vorm van huisvesting en een zinvolle dagbesteding. Dit valt hem echter niet aan te rekenen. Er is bij veroordeelde namelijk geen sprake van onwil om mee te werken aan een eventuele uitzetting naar zijn land van herkomst. In totaal is vijftien keer een vertrekprocedure in gang gezet, maar die zijn alle afgewezen.
Binnen de ISD-maatregel laat veroordeelde zien dat hij onder structuur, begeleiding en medische hulp uitstekend functioneert. Er komen geen sancties voor en hij werkt elke dag hard. Sinds 26 september 2022 heeft de behandeldriehoek gewerkt aan een mogelijkheid om veroordeelde middels een financiering via het CAK onder te brengen bij [zorginstelling] . [zorginstelling] sluit goed aan bij de hulpvraag van veroordeelde en werkt samen met het CAK om ongewenste vluchtelingen begeleiding en hulpverlening te bieden. Veroordeelde heeft alle stappen van de intake doorlopen en op 21 februari 2023 is beslist dat hij op 13 maart 2023 opgenomen kan worden bij [zorginstelling] . Veroordeelde gaat akkoord met plaatsing bij [zorginstelling] . Geadviseerd wordt om de maatregel op 13 maart 2023 om 10:30 uur op te heffen, zodat de senior casemanager veroordeelde kan begeleiden naar de opname op 13 maart 2023 om 11:30 uur.
De deskundige heeft dit advies op de openbare terechtzitting bevestigd en daar waar nodig aangevuld. Zij heeft naar voren gebracht dat zowel zij als de intramurale psycholoog betrokken zullen blijven bij veroordeelde.
Standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft zich aangesloten bij het advies en heeft gerekwireerd tot beëindiging van de ISD-maatregel.
Standpunt van de verdediging
De raadsman heeft beëindiging van de ISD-maatregel bepleit. De maatschappij is inmiddels afdoende beveiligd geweest en het recidivegevaar is geminimaliseerd. Er is een passende oplossing gevonden voor veroordeelde in de vorm van een woonplek bij [zorginstelling] , waar hij hulp en begeleiding zal (blijven) ontvangen.
Oordeel van de rechtbank
De rechtbank dient in het kader van de onderhavige procedure te beoordelen of voortzetting van de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel noodzakelijk is. In artikel 38m lid 2 Sr is bepaald dat de ISD-maatregel strekt tot beveiliging van de maatschappij en de beëindiging van de recidive van verdachte.
Op grond van de hierboven genoemde stukken en het verhandelde op de openbare terechtzitting stelt de rechtbank vast dat beëindiging van de ISD-maatregel naar verwachting niet zal leiden tot een onveilige situatie, (drugs)overlast en verloedering van het publieke domein. Het delictgedrag van veroordeelde vond zijn oorsprong in zijn illegale verblijfsstatus en het hierdoor ontbreken van sociale voorzieningen. Gedurende de ISD-maatregel heeft veroordeelde laten zien dat hij gebaat is bij structuur, begeleiding en medische hulp en dat hij onder die factoren uitstekend functioneert. Ondanks het ontbreken van een verblijfsstatus, is het vanuit de ISD-maatregel gelukt om voor veroordeelde een woonplek bij [zorginstelling] te bewerkstelligen. Binnen [zorginstelling] kunnen de structuur, begeleiding en medische hulp, die hem intramuraal werden geboden, worden voortgezet. Gelet hierop ziet de rechtbank geen noodzaak meer tot voortzetting van de ISD-maatregel. De rechtbank zal daarom het verzoek toewijzen en de ISD-maatregel beëindigen.
Daarom wordt als volgt beslist.
Gezien artikel 6:6:14 van Pro het Wetboek van Strafvordering.

Beslissing

De rechtbank beëindigt de ISD-maatregel van
[veroordeelde]met ingang van
13 maart 2023 om 10:30 uur.
Deze beslissing is gegeven door
mr. L. Dolfing, voorzitter,
mrs. G. Oldekamp en S.J. Mees-Bolle, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. I. Meulman, griffier,
en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 8 maart 2023.