Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
zaak Ate Amsterdam heeft schuldig gemaakt aan:
zaak Bop 7 mei 2022 te Amsterdam heeft schuldig gemaakt aan:
subsidiairten laste gelegd als diefstal;
subsidiairten laste gelegd als poging tot zware mishandeling,
meer subsidiairten laste gelegd als mishandeling;
bijlage I,die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
bedreigingvan geweld.
5.Bewezenverklaring
6.Strafbaarheid van de feiten
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf en maatregelen
- een Pro Justitia psychiatrisch onderzoek van 3 december 2022, opgesteld door psychiater J. Neeleman;
- een Pro Justitia psychologisch onderzoek van 28 november 2022, opgesteld door GZ psycholoog M.E. de Wit;
- een reclasseringsadvies (TBS met voorwaarden) van de GGZ Reclassering Inforsa te Amsterdam van 15 februari 2023, opgemaakt door reclasseringswerkster [reclasseringswerkster] .
9.Beslag: verbeurdverklaring
10.Benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
[verdachte] ,daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
één jaar.
ter beschikking zal worden gestelden stelt daarbij de volgende voorwaarden:
verbeurd(zaak A):
[benadeelde partij 4]niet-ontvankelijk in haar vordering.
benadeelde partij [benadeelde partij 1]toe tot een bedrag van
€ 750,- (zegge: zevenhonderdvijftig euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [benadeelde partij 1] aan de Staat € 750,- (zegge: zevenhonderdvijftig euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 15 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
benadeelde partij [benadeelde partij 3]toe tot een bedrag van
€ 500,- (zegge: vijfhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [benadeelde partij 3] aan de Staat € 500,- (zegge: vijfhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 10 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
benadeelde partij [benadeelde partij 2]toe tot een bedrag van
€ 900,- (zegge: negenhonderd euro)aan vergoeding van immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
ten behoeve van [benadeelde partij 2] aan de Staat € 900,- (zegge: negenhonderd euro)te betalen, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening. Bij gebreke van betaling en verhaal kan gijzeling worden toegepast voor de duur van 18 dagen. De toepassing van die gijzeling heft de betalingsverplichting niet op.
benadeelde partij Nationale Politie, eenheid Amsterdamtoe tot een bedrag van
€ 810,63 (zegge: achthonderdtien euro en drieënzestig eurocent)aan vergoeding van materiële schade, bestaande uit de kosten van reparatie van de dienstauto, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.