ECLI:NL:RBAMS:2023:10

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
2 januari 2023
Publicatiedatum
2 januari 2023
Zaaknummer
10180056 EA VERZ 22-672
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 202 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopig deskundigenbericht na afwijzing vorderingen bodemzaak

Sinck&Ko B.V. heeft een verzoek ingediend bij de kantonrechter om een voorlopig deskundigenbericht te laten opstellen door een door de rechtbank benoemde deskundige. Dit verzoek was gericht op het verkrijgen van een contra-expertise van een gietvloer die Sinck&Ko in het appartement van verweerders had gelegd. Verweerders hadden eerder een eigen deskundige ingeschakeld en het verzoek van Sinck&Ko om hun deskundige de situatie ter plaatse te laten beoordelen was afgewezen.

De procedure werd gelijktijdig behandeld met een bodemzaak waarin verweerders een schadevergoeding van €12.351,55 vorderden van Sinck&Ko wegens vermeende gebreken aan de gietvloer. Op 2 januari 2023 heeft de rechtbank in de bodemzaak vonnis gewezen en de vorderingen van verweerders afgewezen.

Naar aanleiding van deze uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat Sinck&Ko geen belang meer heeft bij het verzoek om een voorlopig deskundigenbericht, omdat de bodemzaak reeds definitief is beslist. Daarom is het verzoek afgewezen en is Sinck&Ko veroordeeld in de proceskosten, welke nihil zijn vastgesteld. De beschikking is op 30 december 2022 uitgesproken door kantonrechter M. Wouters.

Uitkomst: Het verzoek van Sinck&Ko om een voorlopig deskundigenbericht is afgewezen omdat de bodemzaak is beslist.

Uitspraak

RECHTBANKAMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 10180056 EA VERZ 22-672
Beschikking 30 december 2022
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
SINCK&KO B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
verzoekster,
gemachtigde: mr. G.A. van Gorcom,
tegen

1.[verweerder 1] ,2. [verweerder 2] ,

beiden wonende te [woonplaats] ,
verweerders,
gemachtigde: mr. J.H.A. Langelaar,
Verzoekster wordt hierna [verweerders] genoemd. Verweerders worden hierna gezamenlijk Sinck&Ko genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift voorlopig deskundigenbericht (art. 202 Rv Pro) van Sinck&Ko, met producties,
- de mondelinge behandeling van 29 november 2022 waarvan de zittingsaantekeningen zich in het dossier bevinden.
1.2.
Deze zaak is tijdens de mondelinge behandeling van 29 november 2022 gezamenlijk behandeld met de zaak die bij deze rechtbank bekend is onder zaaknummer / rolnummer 9956646 / CV EXPL 22-8415 (hierna: de bodemzaak). Na sluiting van de mondelinge behandeling is bepaald dat in de bodemzaak vandaag vonnis wordt gewezen en dat in deze zaak vandaag beschikking wordt gegeven.

2.De beoordeling

2.1.
Sinck&Ko verzoekt – samengevat – dat de kantonrechter een voorlopig deskundigenbericht beveelt en daartoe een deskundige benoemt.
2.2.
Sinck&Ko baseert haar verzoek – kort gezegd – op het volgende. Sinck&Ko heeft op basis van een overeenkomst met [verweerders] in diens appartement een gietvloer gelegd. De gietvloer voldoet niet aan de verwachtingen van [verweerders] , omdat de gietvloer niet egaal is. Partijen zijn vervolgens verwikkeld geraakt in een discussie die neerkomt op de vraag wat [verweerders] op basis van de overeenkomst van de gietvloer mocht verwachten. In het kader van die discussie heeft [verweerders] de gietvloer laten onderzoeken door een deskundige van ZNEB. Sinck&Ko heeft op haar beurt een deskundige van Afbouw Gevelsupport ingeschakeld om de gietvloer te onderzoeken. [verweerders] heeft het verzoek van Sinck&Ko om de deskundige Afbouw Gevelsupport de gietvloer te laten bekijken echter afgewezen. Daardoor werd Sinck&Ko gedwongen om een contra-expertise te laten plaatsvinden, zonder dat de deskundige de situatie ter plaatse kon beoordelen. Een door de kantonrechter te benoemen deskundige moet daartoe alsnog de gelegenheid krijgen. Sinck&Ko heeft immers recht en belang bij een eigen onderzoek. Aldus steeds Sinck&Ko.
2.3.
De discussie van partijen heeft ertoe geleid dat [verweerders] de bodemzaak is gestart. In de bodemzaak vordert [verweerders] – samengevat – dat de kantonrechter Sinck&Ko veroordeelt tot betaling van € 12.351,55 aan schadevergoeding, vermeerderd met rente en kosten.
2.4.
De kantonrechter heeft vandaag vonnis gewezen in de bodemzaak. Daarin zijn de vorderingen van [verweerders] afgewezen. Gelet op deze uitkomst van de bodemzaak, heeft Sinck&Ko geen belang meer bij haar verzoek tot het bevelen van een voorlopig deskundigenbericht. Haar verzoek wordt daarom afgewezen.
2.5.
Sinck&Ko krijgt dus ongelijk en moet daarom de proceskosten van [verweerders] betalen. De kantonrechter stelt de kosten die [verweerders] tot deze beschikking heeft gemaakt vast op nihil.

3.De beslissing

De kantonrechter
3.1.
wijst het verzoek af,
3.2.
veroordeelt Sinck&Ko in de proceskosten, aan de kant van [verweerders] tot op heden vastgesteld op nihil.
Deze beschikking is gegeven door mr. M. Wouters, kantonrechter, bijgestaan door mr. L.J.P.C. Silven, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 30 december 2022.