De rechtbank Amsterdam ontving op 25 juli 2022 een klaagschrift van klager gericht op teruggave van een Audi S5 en autosleutels die bij een doorzoeking op 28 juni 2022 in beslag waren genomen bij de broer van klager in Brabant. De inbeslagname vond plaats op grond van een Europees onderzoeksbevel van Duitse autoriteiten in een strafrechtelijk onderzoek.
Klager verzocht om teruggaaf van de goederen en stelde dat het klaagschrift bij de rechtbank Amsterdam moest worden ingediend, mede op basis van een brief van het Openbaar Ministerie. De verdediging betoogde dat het ontbreken van strafvorderlijk belang de inbeslagname onrechtmatig maakte.
De officier van justitie stelde dat de rechtbank Amsterdam niet bevoegd was omdat de inbeslagname in het arrondissement Oost-Brabant had plaatsgevonden. De rechtbank oordeelde dat op grond van de toepasselijke wetsartikelen de rechtbank van het arrondissement waar de inbeslagname plaatsvond bevoegd is, en verklaarde zich daarom onbevoegd. De stukken werden doorgestuurd naar de rechtbank Oost-Brabant. Tegen deze beslissing staat beroep in cassatie open.