ECLI:NL:RBAMS:2022:6651
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering bestuurlijke boete wegens onttrekking woning aan woonruimtevoorraad voor vakantieverhuur
Eiser, huurder van een woning in Amsterdam, kreeg een bestuurlijke boete van €20.500 opgelegd wegens het zonder vergunning onttrekken van de woning aan de woonruimtevoorraad door verhuur aan toeristen via Airbnb. Het college stelde dat de woning was verhuurd aan meer dan vier personen en dat er meerdere overtredingen waren, waaronder het overschrijden van het maximum aantal nachten.
De rechtbank stelde vast dat alleen de overtreding van het aantal personen aan het besluit ten grondslag lag en dat het college geen bewijs had geleverd voor de vermeende overschrijding van het aantal nachten. Hierdoor was de cumulatie van overtredingen niet correct toegepast. Eiser had ook aangevoerd dat de boete gematigd moest worden vanwege beperkte ernst, geringe financiële draagkracht en psychische klachten, maar dit werd onvoldoende onderbouwd.
Daarnaast was de redelijke termijn voor de uitspraak met meer dan twaalf maanden overschreden, waardoor de rechtbank een extra matiging van €1.000 toepaste. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en stelde de boete vast op €10.600. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt gematigd naar €10.600 vanwege onjuiste cumulatie van overtredingen en overschrijding van de redelijke termijn.