Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlagebij dit vonnis.
3.Beoordeling van het bewijs
4.De vorderingen van de benadeelde partijen
5.Beslissing
[verdachte]daarvan vrij.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde feit van ontuchtige handelingen met een minderjarige van zestien jaar of jonger. Het onderzoek vond plaats bij verstek na de terechtzitting van 29 juni 2022.
De tenlastelegging betrof handelingen die op 27 juni 2018 in Amsterdam zouden hebben plaatsgevonden. Het Openbaar Ministerie stelde dat verdachte het slachtoffer had betast, maar de rechtbank vond dit niet bewezen omdat het bewijs uitsluitend berustte op de verklaring van het slachtoffer zonder voldoende aanvullend bewijs.
De moeder van het slachtoffer deed aangifte en verklaarde over de situatie, evenals het slachtoffer zelf die in een speciaal studioverhoor haar verklaring gaf. Verdachte ontkende de beschuldigingen. De rechtbank benadrukte dat in zedenzaken het bewijs niet uitsluitend op de verklaring van één getuige mag worden gebaseerd, en concludeerde dat er onvoldoende steunbewijs was om het ten laste gelegde feit bewezen te verklaren.
De vorderingen van het slachtoffer en haar moeder werden niet-ontvankelijk verklaard en ieder draagt zijn eigen kosten. De rechtbank sprak verdachte vrij van de tenlastelegging.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende steunbewijs naast de verklaring van het slachtoffer.