Op 1 februari 2022 werd verdachte samen met medeverdachten gecontroleerd in een auto waarin geladen vuurwapens en munitie werden aangetroffen nabij de plekken waar zij werden aangehouden. Verdachte vluchtte te voet en liet een geladen pistool achter waarop zijn DNA werd aangetroffen. Tijdens fouillering werd munitie in zijn jaszak gevonden.
De rechtbank acht bewezen dat verdachte een geladen FN HP-35 High-Power pistool met bijbehorende munitie voorhanden had, maar spreekt hem vrij van kennis van andere vuurwapens die in afgesloten tassen lagen. De officier van justitie eiste 36 maanden gevangenisstraf waarvan 6 maanden voorwaardelijk, de verdediging vroeg om een taakstraf en gevangenisstraf gelijk aan voorarrest.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van 10 maanden op, waarvan 2 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar en bijzondere voorwaarden, mede vanwege eerdere veroordelingen, verslavingsproblematiek en het risico op recidive. De bijzondere voorwaarden omvatten onder meer meldplicht bij reclassering, ambulante behandeling en begeleiding bij dagbesteding en wonen.
De rechtbank benadrukte het belang van streng optreden tegen vuurwapenbezit vanwege het veiligheidsrisico en achtte de straf passend gelet op de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte.