ECLI:NL:RBAMS:2022:4347
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging consumentenkoopovereenkomst wegens schending bestelknopregelgeving
In deze zaak stond de geldigheid van een consumentenkoopovereenkomst tussen bol.com en een consument centraal. De kantonrechter overwoog dat de bestelknop niet voldeed aan de eisen van artikel 6:230v lid 3 BW, waardoor de overeenkomst vernietigbaar was. Partijen kregen de gelegenheid zich uit te laten over dit voornemen, waarbij de consument zich aansloot bij het oordeel van de kantonrechter.
Bol.com voerde aan dat het Fuhrmann-arrest een juridische misinterpretatie betrof en pleitte voor een overgangsregeling om ondernemers de tijd te geven hun bestelproces aan te passen. De rechtbank verwierp dit standpunt en benadrukte dat de regelgeving helder is en dat handelaren zich sinds de invoering van de Europese richtlijn op de verplichtingen hadden kunnen voorbereiden.
De rechtbank oordeelde dat vernietiging van de overeenkomst passend en noodzakelijk was en dat een gedeeltelijke sanctie onvoldoende afschrikwekkend zou zijn. De vordering van bol.com werd afgewezen en bol.com werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan de zijde van de consument. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Overeenkomst vernietigd wegens schending bestelknopregelgeving; vordering bol.com afgewezen en bol.com veroordeeld in proceskosten.