ECLI:NL:RBAMS:2022:3706
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs witwassen geldbedragen in onderzoek Ketchikan
Verdachte werd beschuldigd van het witwassen van twee geldbedragen, te weten €266.000,- en €15.514,-, in de periode van 2017 tot 2020 in Amsterdam. De officier van justitie stelde dat deze bedragen niet uit legale inkomsten konden stammen en eiste een gevangenisstraf van 18 maanden. Verdachte heeft geen verklaring afgelegd.
De verdediging voerde aan dat er geen wettig en overtuigend bewijs was dat verdachte de bedragen heeft verworven, voorhanden had of gebruikt. De rechtbank oordeelde dat er geen rechtstreeks verband kon worden gelegd tussen de geldbedragen en een bepaald misdrijf, en dat er geen gerechtvaardigd vermoeden van witwassen bestond. De foto met het geld was gevonden op de telefoon van de ex-partner, zonder bewijs van betrokkenheid van verdachte.
De rechtbank sprak verdachte vrij van het tenlastegelegde witwassen. Tevens werd de inbeslaggenomen PGP-telefoon teruggegeven aan verdachte. Dit vonnis is een eindbeslissing op de tenlastelegging betreffende het feit 4 in het onderzoek Ketchikan.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen wegens onvoldoende bewijs.