Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
bijlage 1aan dit vonnis is gehecht.
bijlage 2aan dit vonnis gehecht.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
enigemonteur was die werkzaam is geweest bij de bewuste geldautomaat. Zo zijn bij de storing aan de geldautomaat aan het [adres ] na verdachte nog een andere monteur van [bedrijf] én vervolgens twee Wincor-monteurs betrokken geweest, waarna verdachte ten slotte samen met een Wincor-monteur bij de geldautomaat is geweest voordat er een waardetransport kwam. Ook bij de geldautomaat in Julianadorp is er na de komst van verdachte op 7 februari 2017, op zowel 6 maart 2017 en 13 maart 2017 een monteur langs geweest. Ook hier heeft de raadsvrouw van verdachte terecht naar voren gebracht dat bij gebrek aan nader onderzoek niet is uit te sluiten dat niet verdachte, maar deze mensen geld hebben verduisterd.
[e-mailadres]. Uit door verdachte overgelegde gegevens blijkt daarentegen dat zijn account bij Marktplaats tevens gekoppeld is geweest aan het e-mailadres
[e-mailadres]en dat dit account op 5 mei 2012 is geregistreerd. Hoewel deze informatie pas ter terechtzitting is verstrekt en daarmee niet eerder door het Openbaar Ministerie kon worden geverifieerd, maakt deze verklaring niet op voorhand hoogst onwaarschijnlijk. Enige onderbouwing voor de stelling dat verdachte in die periode een ander e-mail adres gebruikt vindt de rechtbank ook in andere stukken in het dossier waar dit e-mailadres op vermeld staat. De officier van justitie is ter zitting niet specifiek ingegaan op deze door de verdediging gegeven verklaring voor het ontbreken van de genoemde verkoop informatie en tevens is de officier van justitie niet ingegaan op het voorwaardelijke verzoek van de raadsvrouw om alsnog onderzoek te doen naar de gegevens van het account van verdachte gekoppeld aan dit e-mailadres. Gelet op het voorgaande kan de rechtbank dan ook niet met voldoende zekerheid uitsluiten dat verdachte voorafgaand aan en gedurende de ten laste gelegde periode aanzienlijke contante geldbedragen heeft verdiend met de verkoop van modelbouwgoederen. Om die reden zal de rechtbank het daarvoor verzochte bedrag van € 17.500,- in mindering brengen.
5.Het bewijs
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.De vordering van de benadeelde partij
10.Het beslag
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
taakstrafvan
50 uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat
vervangende hechteniszal worden toegepast van
25 dagen, met bevel dat de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht naar de maatstaf van 2 (twee) uren per dag.