Op 12 november 2021 vond in Amsterdam een gewelddadige straatroof plaats waarbij een Zwitserse man werd beroofd van onder meer een telefoon, pasjes en een verblijfsdocument. Verdachte werd kort na de roof samen met anderen in een bus aangetroffen, maar er werden geen spullen van het slachtoffer bij hem gevonden. De rechtbank achtte onvoldoende bewijs voor betrokkenheid bij de straatroof en sprak verdachte vrij van dit feit.
Wel werd vastgesteld dat verdachte een gestolen laptop bij zich had, die hij had gekocht van een onbekende op het station in Alkmaar. Gezien de omstandigheden en het lage bedrag had verdachte kunnen vermoeden dat het goed door misdrijf was verkregen. Daarom werd schuldheling bewezen verklaard.
De rechtbank legde een gevangenisstraf van één week op, passend bij de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Een geldboete of taakstraf werd niet passend geacht omdat verdachte geen inkomen heeft en eerder al een voorwaardelijke straf voor schuldheling kreeg.
De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard omdat er geen directe schade uit het bewezen feit voortvloeit. De voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de opgelegde straf.
Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Amsterdam op 4 mei 2022.