Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
Baan Hofman Ongevallenanalyse)
Rechtbank Amsterdam
Op 28 januari 2020 is verzoekster ten val gekomen bij het oversteken van de Looiersgracht in Amsterdam, waarbij zij letsel heeft opgelopen. Verzoekster stelde de gemeente aansprakelijk op grond van artikel 6:174 BW Pro, stellende dat een opstaande trottoirband een gebrek vormde dat tot haar val heeft geleid.
De gemeente betwistte de toedracht en aansprakelijkheid, onder meer door te stellen dat het hoogteverschil van maximaal 34 mm niet zodanig was dat sprake was van een gebrekkige weg en dat er geen causaal verband bestond tussen het gebrek en het ongeval. De rechtbank oordeelde dat het hoogteverschil niet zodanig was dat voetgangers hier geen rekening mee hoefden te houden, mede omdat de trottoirband goed zichtbaar was door afwijkende kleur en materiaal.
De richtlijnen uit het CROW-handboek zijn niet bindend en de gemeente hoefde geen extra waarschuwingsmaatregelen te treffen. De rechtbank wees het verzoek tot aansprakelijkheid af en hoefde daardoor niet te oordelen over de precieze toedracht van het ongeval. De kosten van het deelgeschil werden begroot, maar de gemeente werd niet veroordeeld tot betaling daarvan.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot aansprakelijkheid van de gemeente af wegens het ontbreken van een gebrekkige weg.