Klager diende een klaagschrift in tegen de inhouding van zijn rijbewijs na een alcoholgerelateerde overtreding op 15 september 2021. Hij is vanwege een medische aandoening invalide en heeft een invalidekaart gekregen. De raadsman voerde aan dat de inhouding langer duurt dan volgens richtlijnen passend is, en verzocht om teruggave per 13 januari 2022.
De officier van justitie verzette zich tegen teruggave, wijzend op het relatief hoge alcoholpromillage en recidive, en betwijfelde de onderbouwing van de medische situatie van klager. De rechtbank oordeelde dat de inhouding rechtmatig was, maar dat gezien de omstandigheden en het feit dat klager zijn rijbewijs al vier maanden kwijt was, het niet uitgesloten is dat de strafrechter een kortere inhouding kan compenseren met andere sancties.
De rechtbank verklaarde het klaagschrift gegrond voor zover de inhouding langer duurt dan 13 januari 2022 en gelastte de teruggave van het rijbewijs per die datum. Dit laat de mogelijkheid open dat de strafrechter later alsnog een onvoorwaardelijke ontzegging oplegt die langer duurt dan de inhouding.