De zaak betreft een vordering van de verhuurder tegen de huurder wegens huurachterstand en de vraag of de huurovereenkomst ontbonden kan worden vanwege het niet melden van de huurachterstand bij de gemeente in het kader van de gemeenschappelijke schuldhulpregeling.
De kantonrechter stelt vast dat de eerste maand huurachterstand dateert van januari 2021, terwijl het besluit schuldhulpverlening al van kracht was. De verhuurder stelde dat zij niet verplicht was geweest de huurachterstand te melden. Echter, de rechtbank oordeelt dat ook bij een hernieuwde betalingsachterstand een melding bij de gemeente zinvol kan zijn en dat het achterwege laten daarvan niet automatisch leidt tot ontbinding van de huurovereenkomst.
Gelet op de omstandigheden, waaronder de hoogte van de huurachterstand, wordt de ontbinding afgewezen. De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, wettelijke rente, buitengerechtelijke kosten en proceskosten. De veroordelingen worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard.