ECLI:NL:RBAMS:2021:6416
Rechtbank Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens illegaliteit werknemer zonder verblijfsrecht
De werknemer, sinds 2017 in dienst als schoonmaker, beschikte over een verblijfskaart die in oktober 2020 was verlopen. Ondanks een lopend bezwaar tegen de afwijzing van een aanvraag voor duurzaam verblijf, beschikte hij niet over een geldig verblijfsdocument of tewerkstellingsvergunning. De werkgever stelde hem per februari 2021 op non-actief zonder loon en verzocht later ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens illegaliteit.
De werknemer betwistte de illegaliteit en stelde dat het bezwaar schorsende werking heeft, waardoor hij mag blijven werken. De werkgever onderbouwde haar standpunt met een advies dat stelde dat de werknemer niet mag werken zonder geldige vergunning. De kantonrechter oordeelde dat de werkgever niet verplicht is de arbeidsovereenkomst voort te zetten omdat de werknemer niet mag worden tewerkgesteld zonder geldige vergunning, en dat herplaatsing niet mogelijk is.
De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 januari 2022. De kantonrechter acht het handelen van de werknemer niet ernstig verwijtbaar en kent daarom een transitievergoeding van € 1.611,72 bruto toe. Verzoeken tot billijke vergoeding en cumulatievergoeding worden afgewezen. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 januari 2022 wegens illegaliteit, met toekenning van een transitievergoeding van € 1.611,72 bruto.