ECLI:NL:RBAMS:2021:3452

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
16 juni 2021
Publicatiedatum
6 juli 2021
Zaaknummer
AWB - 21 _ 1090
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:2 AwbArt. 6:12 AwbArt. 7:1 AwbArt. 8:54 Awb
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken procesbelang bij niet tijdig nemen besluit WOZ-verminderingsnota

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit door verweerder na een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam over de WOZ-waarden van meerdere panden. Het Hof had het hoger beroep gegrond verklaard, de eerdere uitspraak vernietigd en zelf de WOZ-waarden vastgesteld, waarna verweerder een verminderingsnota uitbracht.

De rechtbank overweegt dat het Hof geen termijn heeft gesteld voor de uitvoering van haar uitspraak en dat verweerder niet wettelijk verplicht was om binnen een bepaalde termijn de verminderingsnota toe te sturen. Omdat verweerder inmiddels uitvoering heeft gegeven aan het Hof-arrest, ontbreekt het aan het vereiste procesbelang voor het beroep.

Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk. Het vonnis is gewezen door rechter Y. Moussaoui en griffier N. van der Kroft. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden ingesteld.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang omdat de verminderingsnota alsnog is toegezonden.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Bestuursrecht
zaaknummer: AWB 21/1090

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser,

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Amsterdam, verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft met de brief van 17 februari 2021, door de rechtbank ontvangen op 19 februari 2021, beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit na een uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam (het Hof) op 29 september 2020.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

Overwegingen

1. De rechtbank doet op grond van artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.
2. Op 29 september 2020 (verbeterd met de uitspraak van 13 oktober 2020), heeft het Hof uitspraak gedaan op het hoger beroep (kenmerken 19/00766 t/m 19/00769) tegen de uitspraak van deze rechtbank van 24 april 2019 (zaaksnummers AMS 17/5764, 17/6039, 17/6040 en 17/6041) over de waarde van een aantal panden van eiser op grond van de Wet waardering onroerende zaken (Woz).
3. De rechtbank stelt vast dat het Hof het hoger beroep gegrond heeft verklaard, de aangevallen uitspraak voor een aantal panden heeft vernietigd en de Woz waarden van deze panden zelf heeft vastgesteld. Daarnaast heeft het Hof de onroerendzaakbelastingen 2017 voor deze panden verminderd. Verweerder heeft met een verminderingsnota van 7 april 2021 uitvoering gegeven aan de uitspraak van het Hof.
4. Tegen het niet tijdig nemen van een besluit kan beroep worden ingesteld. [1] Het beroepschrift kan worden ingediend als het bestuursorgaan niet tijdig een besluit heeft genomen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen. [2]
5. De rechtbank overweegt dat het Hof geen termijn heeft verbonden aan de uitvoering van de uitspraak. Daarnaast is verweerder niet op enig wettelijk grondslag gehouden om binnen een bepaalde termijn de verminderingsnota aan eiser toe te sturen. Dit breng met zich mee dat niet aan de voorwaarden van artikel 6:12 van Pro de Awb is voldaan. De rechtbank overweegt verder dat nu verweerder alsnog uitvoering heeft gegeven aan de uitspraak van het Hof eiser daarnaast geen belang meer heeft bij het beroep. Het beroep is gelet op het voorgaande niet-ontvankelijk.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. Y. Moussaoui, rechter, in aanwezigheid van
mr. N. van der Kroft, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op:
griffier
rechter
Afschrift verzonden aan partijen op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan verzet worden ingesteld bij deze rechtbank. De indiener van het verzetschrift kan daarbij vragen in de gelegenheid te worden gesteld over het verzet te worden gehoord.

Voetnoten

1.Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, in samenhang met artikel 7:1, eerste lid, aanhef en onder f, van de Awb.
2.Artikel 6:12, tweede lid, van de Awb