ECLI:NL:RBAMS:2021:2583
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering winstafdracht wegens oneerlijke bedingen in huurovereenkomst
PEC Coral S.A.R.L. vordert winstafdracht van gedaagde Jaspers op grond van artikel 6:104 BW Pro, naast contractuele boetebepalingen in een huurovereenkomst. De kantonrechter toetst ambtshalve de boetebedingen aan de hand van de Dexia-arresten van het Europees Hof van Justitie (27 januari 2021, C-229/19 en C-289/19).
De rechter oordeelt dat de boetebedingen oneerlijk zijn omdat zij het evenwicht tussen partijen aanzienlijk verstoren. De boetebepalingen bevatten geen maximum en leggen een disproportionele last op de huurder, terwijl de verhuurder geen boetebepalingen heeft bij het niet nakomen van zijn verplichtingen. Dit leidt tot een ongelijkwaardige positie van de huurder.
Verder wordt bevestigd dat het niet relevant is of de bedingen concreet zijn toegepast; de sanctie moet doeltreffend en afschrikkend zijn. Omdat de boetebedingen buiten toepassing worden gelaten, kan PEC niet terugvallen op de wettelijke winstafdracht. PEC wordt veroordeeld in de proceskosten. De vordering wordt afgewezen.
Uitkomst: De vordering van PEC tot winstafdracht wordt afgewezen wegens oneerlijke boetebedingen in de huurovereenkomst.