Uitspraak
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
- primair: de verkrachting van [persoon 1] ;
- subsidiair: een poging tot verkrachting van [persoon 1] ;
- meer subsidiair: het seksueel binnendringen van een bewusteloze, onmachtige of gestoorde en
- meest subsidiair: poging tot het seksueel binnendringen van een bewusteloze onmachtige of gestoorde.
3.Waardering van het bewijs
ik wil je neuken” of “
ik ga je neuken”.
Niet is vereist dat elk onderdeel van de tenlastelegging in ander bewijsmateriaal steun vindt. Dat betekent dat de rechtbank moet beoordelen of enerzijds de verklaring van aangeefster betrouwbaar is en anderzijds of haar verklaring voldoende steun vindt in ander bewijsmateriaal.
Indien de verklaring van aangeefster betrouwbaar wordt geacht, kan dit op zichzelf niet als voldoende steunbewijs dienen. Het steunbewijs dient verder te zien op feiten en omstandigheden die niet in een te ver verwijderd verband staan tot de aan verdachte verweten gedragingen.
Volgens mij had hij zijn vinger in me". Aangeefster vertelde toen aan [getuige 2] dat ze toen tegen verdachte heeft gezegd: "
Wat doe je" en hierop had verdachte gezegd: "
Ik probeer je gewoon te neuken". Aangeefster is toen direct opgestaan en naar beneden gegaan.
Hij zat aan me, hij zat aan me. Die teringlijer”. [persoon 4] bracht aangeefster naar een eetkamer om rustig te kunnen praten en hoorde toen dat het om verdachte ging. [persoon 4] heeft aangeefster horen zeggen: “
Hij zat aan mijn kut”.
Hij heeft me aangeraakt”.
de rechtbank begrijpt: [getuige 1]). [getuige 1] zelf heeft eveneens verklaard dat verdachte de ochtend na het incident tegen hem heeft gezegd:
“jij hebt toch met haar in
4.Bewezenverklaring
5.De strafbaarheid van het feit
6.De strafbaarheid van verdachte
7.Motivering van de straffen en maatregelen
8.Toepasselijke wettelijke voorschriften
9.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
18 (achttien) maanden.