Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
1.016,00
Rechtbank Amsterdam
De eiser exploiteert sinds 1992 een coffeeshop en heeft altijd een vergunning gehad, recent verlengd na een Bibob-onderzoek. Hij gebruikte aanvankelijk privérekeningen voor zakelijke betalingen, maar sinds 2013 beheert een speciaal opgerichte vennootschap, B&D B.V., de gelden. ABN AMRO weigerde echter een zakelijke rekening voor de coffeeshop te openen, verwijzend naar het gebruik van privérekeningen en vermeende integriteitsrisico's.
De rechtbank oordeelt dat banken een cliëntenonderzoek moeten verrichten conform de Wwft, maar dat een categorale weigering op basis van het feit dat er veel contant geld omgaat en de locatie nabij de grens onvoldoende is. De bank kon geen concrete aanwijzingen voor witwassen overleggen en de constructie met B&D werd als naïef en slecht geadviseerd beoordeeld, niet als frauduleus.
De rechtbank acht het spoedeisend belang van de eiser groot vanwege betalingsproblemen en veiligheidsrisico's door het ontbreken van een zakelijke rekening. De vordering tot het openen van een zakelijke rekening wordt toegewezen, en de bank wordt veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De bank wordt veroordeeld tot het openen van een zakelijke bankrekening voor de coffeeshop binnen een week.