Uitspraak
g
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Procesgang
2.Inhoud van het klaagschrift
3.Standpunt van het Openbaar Ministerie
4.De beoordeling
5.De beslissing
niet-ontvankelijkin zijn beklag.
Rechtbank Amsterdam
Klager diende een klaagschrift in tot teruggave van een in beslag genomen Samsung-telefoon die was aangetroffen in een auto waarin hij als verdachte was aangehouden. De zaak was geseponeerd en het klaagschrift werd binnen drie maanden na het einde van de zaak ingediend.
Tijdens de zitting gaf klager aan dat de telefoon van een vriend was en hij deze tijdelijk gebruikte. De verdediging betoogde dat geen machtiging tot vernietiging van de telefoon in het dossier was opgenomen, waardoor de vernietiging onrechtmatig zou zijn.
De officier van justitie stelde dat het klaagschrift tijdig was ingediend maar dat klager niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat de kennisgeving van inbeslagneming een beslissing tot onttrekking aan het verkeer bevatte, die rechtsgeldig was genomen en ondertekend door de parketsecretaris. De telefoon was inmiddels vernietigd en het beslag daarmee beëindigd.
De rechtbank oordeelde dat de kennisgeving van inbeslagneming als machtiging tot vernietiging moest worden gezien conform art. 134 lid 2 jo Pro. art. 117 Sv Pro. Hierdoor was het beslag beëindigd en bestond er geen belang meer bij het klaagschrift. Klager werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen deze beslissing staat klager beroep in cassatie bij de Hoge Raad open.
Uitkomst: Klaagster wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het beslag op de telefoon is beëindigd door vernietiging.