ECLI:NL:RBAMS:2020:3373
Rechtbank Amsterdam
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Aannemer moet retentierecht op woning opheffen na betwisting betaling en uitvoering
In deze zaak vordert eiser terugbetaling van ruim € 272.000 die hij aan BO Consultancy betaalde voor verbouwingswerkzaamheden aan zijn woning, en het opheffen van het retentierecht dat BO Consultancy op de woning uitoefent. Er is een geschil over wie de contractspartij is en over de uitvoering en prijs van de werkzaamheden.
De rechtbank overweegt dat betaling aan BO Consultancy niet onverschuldigd was, ook als de contractspartij BO Management zou zijn, omdat eiser op verzoek van BO Management aan BO Consultancy betaalde. De vraag wie contractspartij is, behoeft daarom geen verdere beantwoording.
Het retentierecht is volgens de rechtbank niet rechtsgeldig uitgeoefend omdat de vordering niet opeisbaar is. BO Consultancy heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de facturen waarvoor het retentierecht is ingeroepen, voldaan moeten worden. Ook was de sommatie tot betaling pas na het aanbrengen van de plank en deur en het uitoefenen van het retentierecht verzonden. Daarom moet BO Consultancy het retentierecht staken en de inschrijving in het kadaster doorhalen.
De rechtbank veroordeelt BO Consultancy tot het staken van het retentierecht, het verwijderen van de afsluitingen en tot betaling van proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: BO Consultancy moet het retentierecht op de woning opheffen en de inschrijving in het kadaster doorhalen.