Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling
3.Beslissing
[betrokkene]
.
Rechtbank Amsterdam
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot opname en verblijf van betrokkene op grond van de Wet zorg en dwang (Wzd). De rechtbank stelde vast dat aanvankelijk een geneeskundige verklaring ontbrak, waarna de zoon en schoondochter van betrokkene zelf een verklaring lieten opstellen door een onafhankelijke specialist ouderengeneeskunde.
Tijdens de mondelinge behandeling, die vanwege corona via Skype plaatsvond, werd vastgesteld dat betrokkene lijdt aan een gevorderd dementiesyndroom passend bij de ziekte van Alzheimer. Dit leidt tot ernstig nadeel zoals brandgevaar, verminderde zelfzorg en belasting van de familie. De opname in een verpleeghuis is noodzakelijk om dit nadeel te voorkomen, en er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden.
Betrokkene verzette zich tegen opname, maar de rechtbank oordeelde dat aan alle wettelijke criteria voor machtiging is voldaan. De rechtbank uitte tevens kritiek op het CIZ vanwege het ontbreken van een medische verklaring en de gebrekkige communicatie, maar beschouwde dit als een eenmalig incident. De machtiging werd verleend voor een periode van zes maanden.
Uitkomst: De rechtbank verleent een machtiging tot opname en verblijf voor zes maanden wegens ernstig nadeel door dementie.