ECLI:NL:RBAMS:2020:3130
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Procedurele afwijzing verzoekschrift schadevergoeding herplaatsing te lage functie
Verzoekster heeft een verzoekschrift ingediend tegen ING Bank Personeel B.V. met het doel een verklaring voor recht te verkrijgen dat ING toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de arbeidsovereenkomst wegens herplaatsing in een te lage functie, gebaseerd op artikel 7:686 BW Pro.
De rechtbank stelt vast dat artikel 7:686 BW Pro geen afzonderlijke verzoekschriftprocedure voorschrijft, maar dat vorderingen op grond van dit artikel via een dagvaardingsprocedure moeten worden ingeleid. Artikel 7:686a BW bevestigt dit door het ontbreken van een aparte procedure voor deze vordering, in tegenstelling tot andere verzoeken die wel met een verzoekschrift kunnen worden ingeleid.
Omdat de vordering niet samenhangt met het einde van de arbeidsovereenkomst, maar ziet op schadevergoeding bij voortzetting van de arbeidsovereenkomst, is de verzoekschriftprocedure niet van toepassing. De rechtbank beveelt daarom voortzetting van de procedure volgens de dagvaardingsregels en stelt een rolzitting vast. Verzoekster wordt opgedragen het exploot van oproeping uiterlijk 21 juli 2020 uit te brengen en gewezen op de gevolgen van het niet naleven hiervan.
Uitkomst: De procedure wordt voortgezet volgens de dagvaardingsregels; het verzoekschrift is niet ontvankelijk.