Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER
Regional Court in Poznań(Polen) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
1.Procesgang
2.Identiteit van de opgeëiste persoon
3.Grondslag en inhoud van het EAB
judgment of the District Court in Kościanvan 10 september 2018 (referentienummer: II K 593/18),
amended by the judgment of the Regional Court in Poznańvan 31 januari 2019 (referentienummer: XVII Ka 1577/18).
the Regional Court in Poznańvan 31 januari 2019.
4.Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Pro, heropening onderzoek
but by other means actually received official information of the scheduled date and place of the trial which· resulted in the decision.” – blijkt uit aanvullende informatie van de uitvaardigende justitiële autoriteit van 10 februari 2020 dat de opgeëiste persoon niet op de hoogte is gebracht van de datum van de zitting in hoger beroep:
the District Court in Kościanvan 10 september 2018 heeft geleid.
the Regional Court in Poznańvan 31 januari 2019, onder de reikwijdte van artikel 12 OLW Pro valt, dient de rechtbank – op grond van jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie [1] – het volgende te onderzoeken.
Zdziaszekwas sprake van een ambtshalve wijziging van de straf (door middel van een verzamelvonnis) ten gunste van de betrokkene. Deze procedure zag niet (meer) op de schuldigverklaring maar enkel op de bepaling van de straf. Deze procedure valt onder de reikwijdte van artikel 4 bis Pro Kaderbesluit 2002/584 en dus onder artikel 12 OLW Pro. Het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof) overweegt hieromtrent het volgende:
the Regional Court in Poznańvan 31 januari 2019 waarbij aan de opgeëiste persoon, op basis van artikel 435 van Pro het Poolse wetboek van strafvordering, een straf is opgelegd van twee jaar en zes maanden.
the Regional Court in Poznań?
the Regional Court in Poznańop basis van artikel 435 van Pro het Poolse wetboek van strafvordering, een andere, hogere strafkorting kunnen krijgen dan die van de medeverdachten die wél hoger beroep hebben ingesteld?
5.Beslissing
SCHORSThet onderzoek ter zitting voor
onbepaalde tijdteneinde de officier van justitie in de gelegenheid te stellen de hiervoor onder 4.3.5 omschreven vragen te stellen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit;