ECLI:NL:RBAMS:2020:2007

Rechtbank Amsterdam

Datum uitspraak
26 maart 2020
Publicatiedatum
27 maart 2020
Zaaknummer
13/752033-19
Instantie
Rechtbank Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Tussenuitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 22 OLWArt. 23 OLWArt. 29 OLW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenuitspraak heropening en schorsing onderzoek Europees aanhoudingsbevel wegens coronamaatregelen

De rechtbank Amsterdam behandelde op 12 maart 2020 de vordering tot overlevering op grond van een Europees aanhoudingsbevel uitgevaardigd door de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen. De opgeëiste persoon, geboren in 1993 en woonachtig in Nederland, bevestigde zijn identiteit en nationaliteit.

Vanwege de landelijke maatregelen in verband met de uitbraak van het coronavirus, die sinds 17 maart 2020 van kracht zijn, besloot de rechtbank het onderzoek te heropenen en voor onbepaalde tijd te schorsen, in ieder geval tot na 6 april 2020. Dit is om de ontwikkelingen rondom het virus en de maatregelen af te wachten.

De rechtbank verlengde eerder al de termijn voor uitspraak conform de Overleveringswet. De opgeëiste persoon zal op een later moment worden opgeroepen voor een uitspraakdatum, met tijdige kennisgeving aan zijn raadsman. Tegen deze tussenuitspraak is geen gewoon rechtsmiddel mogelijk.

Uitkomst: Onderzoek naar het Europees aanhoudingsbevel wordt heropend en voor onbepaalde tijd geschorst tot na 6 april 2020 vanwege coronamaatregelen.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/752033-19
RK nummer: 19/6472
Datum uitspraak: 26 maart 2020
TUSSEN-UITSPRAAK
op de vordering ex artikel 23 Overleveringswet Pro (OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank. Deze vordering dateert van 6 november 2019 en betreft onder meer het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB).
Dit EAB is uitgevaardigd op 29 oktober 2019 door de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen, afdeling Antwerpen (België) en strekt tot de aanhouding en overlevering van:
[opgeëiste persoon] ,
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1993,
ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:
[adres] , [woonplaats] ,
hierna te noemen de opgeëiste persoon.

1.Procesgang

De vordering is behandeld op de openbare zitting van 12 maart 2020. Het verhoor heeft plaatsgevonden in tegenwoordigheid van de officier van justitie mr. K. van der Schaft. De opgeëiste persoon is bijgestaan door zijn raadsman, mr. L.A.R. Newoor, advocaat te Rotterdam.
De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, eerste lid, OLW uitspraak moet doen met dertig dagen verlengd en heeft vervolgens de termijn waarbinnen zij op grond van artikel 22, derde lid, OLW uitspraak moet doen voor onbepaalde tijd verlengd omdat zij die verlengingen nodig heeft om over de verzochte overlevering te beslissen.

2.Identiteit van de opgeëiste persoon

De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht. De opgeëiste persoon heeft ter zitting verklaard dat de bovenvermelde personalia juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft.

3.Maatregelen in verband met de uitbraak van het coronavirus

Gelet op de maatregelen die met ingang van 17 maart 2020 door de Rechtspraak zijn genomen in verband met de uitbraak van het coronavirus, zal de rechtbank het onderzoek heropenen om op een later moment - na 6 april 2020, zijnde de datum tot wanneer de landelijke maatregelen van kracht zullen zijn - te sluiten en uitspraak te doen.
De opgeëiste persoon en zijn raadsman zullen te zijner tijd worden geïnformeerd over de datum waarop de rechtbank een uitspraak zal doen op het verzoek tot overlevering.

4.Beslissing

HEROPENT EN SCHORSThet onderzoek
voor onbepaalde tijd, maar in ieder geval tot na 6 april 2020, in afwachting van de ontwikkelingen omtrent het coronavirus en de daarmee samenhangende maatregelen die door de Rechtspraak zijn genomen, dan wel de aanvullende maatregelen die nog zullen worden genomen;
BEVEELTde oproeping van de opgeëiste persoon tegen een nader te bepalen uitspraakdatum en tijdstip, met tijdige kennisgeving aan zijn raadsman.
Aldus gedaan door
mr. A.W.C.M. van Emmerik, voorzitter,
mrs. M. Snijders Blok-Nijensteen en M.J. Alink, rechters,
in tegenwoordigheid van mr. D. Gigengack, griffier,
en uitgesproken ter openbare zitting van 26 maart 2020.
De oudste rechter, de jongste rechter en de griffier zijn buiten staat deze uitspraak mede te ondertekenen.
Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open.