Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
- het verzoekschrift van 25 november 2019;
- het proces-verbaal ter zitting van de Internationale Rechtshulpkamer (IRK) van deze rechtbank van 19 november 2019.
1.De feiten
- Op 19 november 2019 heeft een zitting in voornoemde procedure bij de IRK plaatsgevonden. De zaak is behandeld door de gewraakte rechters. Bij deze gelegenheid is de beslistermijn verlengd met 30 dagen op grond van artikel 33, derde lid Overleveringswet. De rechters hebben een door verzoeker gedaan aanhoudingsverzoek afgewezen en geen aanleiding gezien de uitleveringsdetentie te schorsen of op te heffen. Vervolgens is het onderzoek ter terechtzitting gesloten. en de uitspraak bepaald op 3 december 2019 om 12:30 uur;
- Op 25 november 2019 is namens verzoeker onderhavig wrakingsverzoek ingediend, waarna de procedure bij de IRK is geschorst.
2.Het verzoek en de gronden daarvan
3.De reactie van de rechters
4.Het standpunt van de officier van justitie
5.De beoordeling van het verzoek
- wijst het verzoek tot wraking af;
- bepaalt dat de procedure onder parketnummers [parketnummer 1] en [parketnummer 2] met daarbij RK nummers [RK-nummer 1] en [RK-nummer 2] wordt voortgezet in de stand waarin deze zich bevond op het moment dat het wrakingsverzoek werd ingediend.