Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
4.Bewezenverklaring
- voornoemde [persoon 1] tegen de maag te trappen, en
- voornoemde [persoon 2] tegen het hoofd te slaan en tegen het lichaam te schoppen, ten gevolge waarvan voornoemde [persoon 2] ten val is gekomen.
5.Strafbaarheid
6.Motivering van de straffen en maatregelen
gedrag en het vaststellen van aanknopingspunten voor gedragsverandering. Het is niet mogelijk om vast te stellen of er beschermende factoren ten aanzien van recidive zijn. Thuis lijken er geen problemen te zijn en door beide ouders wordt betrokkene ondersteund, ook in financieel opzicht. Er zijn geen aanwijzingen voor psychische of middelenproblematiek. Verdachte heeft zich ingeschreven voor een opleiding. Mede omdat hij vanwege de preventieve hechtenis het intakegesprek heeft gemist, is het onbekend of hij daadwerkelijk met deze opleiding zal starten in september 2019. De reclassering is van mening dat verdachte in een verplicht kader begeleid moet worden om zijn leven positief in te vullen. Middels een gedragsinterventie kan gewerkt worden aan het vergroten van (zelf)inzicht en het verbeteren van cognitieve vaardigheden. Aangezien verdachte lijkt te beschikken over leeftijdsadequate handelingsvaardigheden, hij geen beperking heeft en er in geringe mate pedagogische beïnvloeding mogelijk is, zijn er op dit moment geen gegronde redenen om het jeugdstrafrecht toe te passen. Op basis van de thans beschikbare informatie adviseert Reclassering Nederland het commune strafrecht toe te passen (volwassenenstrafrecht). Begeleiding door de volwassenenreclassering vindt zij passend. Bij een veroordeling wordt een (deels) voorwaardelijke straf met de onderstaande bijzondere voorwaarden geadviseerd:
- Meldplicht bij reclassering
- Gedragsinterventie cognitieve vaardigheden
- Volgen van opleiding
7.Toepasselijke wettelijke voorschriften
8.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
werkstrafvan
180 (honderdtachtig) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de werkstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende jeugddetentie zal worden toegepast van 90 (negentig) dagen, met bevel dat de tijd die door verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de uitvoering van deze straf geheel in mindering zal worden gebracht naar de maatstaf van 2 (twee) uren per dag.
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]
- [...]