Uitspraak
1.De procedure
2.De vaststaande feiten
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2018.
3.Het verzoek
4.De beoordeling
5.De beslissing
,geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 2018;
Rechtbank Amsterdam
De moeder verzocht de rechtbank om de ontkenning van het vaderschap van de man ten aanzien van haar twee kinderen, geboren uit haar huwelijk met de man, te verklaren. Zij stelde dat de man niet de biologische vader is en noemde twee andere mannen als biologische vaders. De man verscheen niet in de procedure en zijn verblijfplaats is onbekend.
De bijzondere curator sprak met de moeder en de beoogde biologische vaders, die hun vaderschap bevestigden en bereid waren mee te werken aan een DNA-onderzoek, hoewel dit niet noodzakelijk werd geacht. De rechtbank stelde vast dat de man vermoedelijk de Nigeriaanse nationaliteit heeft en dat Nederlands recht van toepassing is.
De rechtbank oordeelde dat de moeder niet ontvankelijk was in haar verzoek voor het oudste kind vanwege de termijnoverschrijding, maar wel voor het jongste kind. De bijzondere curator was ontvankelijk voor het oudste kind. Gezien de verklaringen van de beoogde vaders en het ontbreken van de man, concludeerde de rechtbank dat de man niet de biologische vader is van beide kinderen.
De rechtbank verklaarde daarom de ontkenning van het vaderschap van de man gegrond voor beide kinderen en bepaalde dat een DNA-onderzoek niet noodzakelijk is. De griffier wordt opgedragen de beschikking aan de burgerlijke stand te zenden en een aantekening in het gezagsregister te maken. De werkzaamheden van de bijzondere curator worden beëindigd tenzij beroep wordt ingesteld.
Uitkomst: De ontkenning van het vaderschap van de man ten aanzien van beide kinderen is gegrond verklaard zonder DNA-onderzoek.