Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Waardering van het bewijs
4.Bewezenverklaring
5.Bewijs
6.Strafbaarheid van het feit
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
first offender.
er is bij onderzochte sprake van een gebrekkige ontwikkeling in de zin van een licht verstandelijke beperking. Dit uit zich in minder zicht hebben op de wereld om hem heen, moeilijkheden met plannen, initiëren, oorzaak-gevolg relaties, beperkt sociaal inzicht en minder probleem oplossend vermogen. Gezien bovenstaande wordt de rechtbank ter overweging gegeven onderzochte de hem ten laste gelegde feiten in verminderde mate toe te rekenen. Geadviseerd wordt het jeugdstrafrecht toe te passen. Onderzochte functioneert op een verstandelijk beperkt niveau, hij kan zijn gedrag lastig organiseren en de risico's van zijn handelen onvoldoende inschatten. Ook handelt hij zonder nadenken. Betreffende de strafrechtelijke afdoening wordt begeleiding van de jeugdreclassering geadviseerd via de William Schrikker Groep, aangezien zij specifieke kennis hebben van de LVB doelgroep.
,vermeerderd met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd, namelijk 12 januari 2019.
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
jeugddetentievoor de duur van
139 dagen.
30 dagen, niet tenuitvoergelegd zal worden, tenzij later anders wordt gelast.
proeftijdvan
2 (twee) jarenvast.