ECLI:NL:RBAMS:2019:702
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verklaring van geen bezwaar voor vertrouwensfunctie op Schiphol wegens verblijf in Suriname
Eiser wilde een functie vervullen op Schiphol waarvoor een verklaring van geen bezwaar vereist is. Hij verbleef twintig maanden in Suriname, waar de AIVD geen samenwerkingsrelatie heeft met de lokale inlichtingen- en veiligheidsdienst, waardoor geen veiligheidsonderzoek kon worden verricht over die periode.
De minister van Binnenlandse Zaken weigerde de verklaring op grond van de Wet veiligheidsonderzoeken (Wvo), omdat onvoldoende waarborgen bestonden dat eiser zijn plichten uit de vertrouwensfunctie getrouwelijk zou vervullen. Eiser stelde dat de nieuwe Beleidsregel veiligheidsonderzoeken op hem van toepassing was en dat het verblijf in Suriname minder dan de helft van de beoordelingsperiode betrof.
De rechtbank oordeelde dat de minister in redelijkheid kon besluiten de verklaring te weigeren, omdat eiser niet voldeed aan de uitzonderingscriteria van de Beleidsregel, zoals verblijf in het buitenland in het kader van studie, stage of werk. Gezien de aard van de functie op Schiphol en het ontbreken van voldoende gegevens over de verblijfperiode in Suriname, was de weigering gerechtvaardigd.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de rechtbank wees een proceskostenveroordeling af. De uitspraak bevestigt dat elke aanvraag een nieuw toetsmoment inhoudt en dat de bescherming van de nationale veiligheid voorop staat.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de verklaring van geen bezwaar.