Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 11 juli 2019 een beslissing genomen op grond van artikel 509a van het Wetboek van Strafvordering betreffende de verdachte die zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland is en gedetineerd is in een penitentiaire inrichting.
Verdachte heeft ter terechtzitting aangegeven geen gebruik meer te willen maken van zijn raadsvrouw, mr. B. van Straaten, en wenst zijn eigen verdediging te voeren. De raadsvrouw uitte echter zorgen over de geestelijke toestand van verdachte en bood aan de verdediging voort te zetten indien de rechtbank zou besluiten dat verdachte niet in staat is zijn belangen behoorlijk te behartigen.
De rechtbank heeft op basis van dossierstukken, recente psychiatrische en psychologische rapportages en het gedrag van verdachte tijdens de zitting vastgesteld dat het vermoeden bestaat dat verdachte een gebrekkig ontwikkeld of ziekelijk gestoord geestesvermogen heeft. Hierdoor is verdachte niet in staat zijn belangen in het strafproces behoorlijk te behartigen. De rechtbank verklaart dit vermoeden en wijst op grond van artikel 509c Sv mr. B. van Straaten als raadsman toe, waarbij verdachte niet het recht heeft deze rechtsbijstand te weigeren of afstand van te doen.
Uitkomst: Verdachte wordt wegens een ziekelijke stoornis van het geestesvermogen een raadsman toegewezen die hij niet kan weigeren.