Uitspraak
[veroordeelde] ,
De opgelegde straf
De proeftijd
De inhoud van de vordering
De procesgang
- voormeld vonnis;
- een geschrift waaruit blijkt dat de mededeling als bedoeld in artikel 366a van het Wetboek van Strafvordering door de officier van justitie aanstonds na de uitspraak op de terechtzitting aan veroordeelde in persoon is uitgereikt;
- een uittreksel van de Justitiële Documentatie van veroordeelde van 13 december 2018;
- een advies aan opdrachtgever toezicht van het Leger des Heils Jeugdbescherming & Reclassering van 5 september 2018 (toezichthouder [persoon 1] ), waarin wordt aangegeven dat veroordeelde zich niet heeft gehouden aan zijn meldplicht. Op 2 en 14 mei 2018 heeft hij een berisping gekregen. Op 15 juni 2018 heeft de reclassering veroordeelde een waarschuwing gestuurd. Veroordeelde staat sinds 1 juli 2014 onder toezicht van de reclassering. Hij kwam bij de start van het toezicht goed op zijn afspraken, maar vanaf 2016 komt hij slecht op zijn afspraken. Hij recidiveert regelmatig, wat de continuïteit van het toezicht in de weg staat. Wanneer hij recidiveerde, was hij steeds enige tijd niet bereikbaar voor de reclassering. Hij miste dan ook regelmatig een afspraak met zijn begeleider bij [naam begeleid wonen] . Hij kwam weer op de afspraken bij de reclassering en zijn begeleider wanneer hij hulp nodig had. Veroordeelde heeft bij diverse locaties van [naam begeleid wonen] gewoond. Tot augustus 2016 woonde hij in [naam begeleid wonen] , hetgeen hij die maand verloor, omdat hij zich misdroeg. Vervolgens is hij geplaatst bij [naam begeleid wonen] . Dit was echter niet naar de zin van veroordeelde. Hij weigerde om bijvoorbeeld bij [naam begeleid wonen] te gaan slapen, met het gevolg dat hij te vaak ongeoorloofd afwezig was en daardoor zijn plek dreigde te verliezen. Eind 2017 raakte hij zijn plek bij [naam begeleid wonen] definitief kwijt, omdat hij in detentie kwam door recidive. Na zijn detentie is hij geplaatst bij de [naam] . Helaas is hij deze plek na twee maanden kwijt geraakt, omdat hij een aantal keer niet bij de [naam] heeft geslapen. In april 2018 is hij opnieuw geplaatst bij [naam begeleid wonen] ter overbrugging en vervolgens begin mei overgeplaatst naar [naam begeleid wonen] . Sinds april 2018 komt veroordeelde zijn afspraken niet meer na. Als de reclassering op huisbezoek kwam in [naam begeleid wonen] , dan was hij ook niet aanwezig. Vervolgens is veroordeelde begin juni gerecidiveerd. Hij is wel geschorst met bijzondere voorwaarden. Hiervan was hij op de hoogte, maar hij verscheen alsnog niet op afspraken bij de reclassering. Sindsdien heeft de reclassering geen contact meer gekregen met veroordeelde. Gezien de niet meewerkende houding van veroordeelde ziet de reclassering geen mogelijkheden om het toezicht te vervolgen. Veroordeelde mist te vaak zijn afspraken.