De rechtbank Amsterdam behandelde het verzoek van de gecertificeerde instelling JBRA om de verblijfplaats van een minderjarige te wijzigen van de pleegmoeder naar de moeder, onder voorwaarde van een positief advies van De Bascule. De minderjarige was sinds 2014 bij de pleegmoeder, tevens tante, geplaatst en onder toezicht gesteld sinds januari 2016 met een machtiging tot uithuisplaatsing. JBRA had het hulpverleningstraject ingezet en wilde de terugplaatsing naar de moeder toetsen.
De pleegmoeder verzocht zelfstandig om verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing, maar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat zij daartoe niet bevoegd is. JBRA had geen verlenging van de machtiging gevraagd, waardoor het belang bij wijziging van verblijfplaats ontbrak. De rechtbank oordeelde dat de formele verblijfplaats sinds het verstrijken van de machtiging op 19 januari 2018 bij de moeder ligt.
Hoewel JBRA stelt dat terugplaatsing mogelijk is, is er onvoldoende bewijs dat de moeder stabiel genoeg is om de zorg volledig op zich te nemen. De pleegmoeder biedt veiligheid, structuur en regelmaat. De rechtbank hechtte waarde aan het standpunt van de Raad voor de Kinderbescherming en benoemde een bijzondere curator om de belangen van de minderjarige te behartigen, gezien de complexe situatie tussen moeder, pleegmoeder en hulpverlening.