Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
[eiser]
de naamloze vennootschap ABN AMRO BANK N.V.
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- conclusie van antwoord van 24 november 2017 met producties;
- instructievonnis van 15 december 2017;
- dagbepaling comparitie.
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
Het geschil
€ 3.893,60 bruto per maand c.a. tot de dag dat de arbeidsovereenkomst rechtsgeldig is geëindigd, met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente over de gevorderde bedragen;
Beoordeling
vermogensrechtelijkgebied. Bovenstaande bepaling is daarom niet van toepassing. De vaststellingsovereenkomst ziet op de vaststelling dat de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden is beëindigd per uiterlijk 1 mei 2017 en de verplichtingen uit hoofde van de (vermogensrechtelijke) afwikkeling van die beëindiging. De in artikel 4.1 overeengekomen verplichting is maakt weliswaar deel uit van de vaststellingsovereenkomst, maar is een obligatoire – wederkerige – overeenkomst.
Beslissing
€ 462,50;