ECLI:NL:RBAMS:2018:4206
Rechtbank Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak witwassen grote contante geldbedragen in auto na aannemelijke herkomstverklaring
Op 30 juli 2016 werd verdachte in Amsterdam aangehouden met grote hoeveelheden contant geld in zijn auto, te weten 218.405 euro en 90.675 Britse pond. Verdachte verklaarde aanvankelijk een onwaarschijnlijke route naar Schiphol te hebben gevolgd, wat aanleiding gaf tot een vermoeden van witwassen.
De officier van justitie vorderde een gevangenisstraf van 12 maanden en verbeurdverklaring van het geld. Verdachte gaf een gedetailleerde verklaring dat het geld afkomstig was van zijn werkgever, een bedrijf in Birmingham dat handelt in goud en juwelen, en dat het geld bestemd was voor aankopen in Brussel. Deze verklaring werd ondersteund door documenten, bankafschriften, jaarstukken, videobeelden en bevestiging van de werkgever.
Hoewel de officier van justitie twijfels uitte over de legitimiteit van het bedrijf en de aard van de markt in Brussel, kon de rechtbank niet met voldoende zekerheid vaststellen dat het geld van misdrijf afkomstig was. De rechtbank oordeelde dat verdachte een concrete, min of meer verifieerbare en niet onwaarschijnlijke verklaring had gegeven, waardoor het ten laste gelegde niet bewezen kon worden verklaard.
De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard in haar vordering tot schadevergoeding vanwege de vrijspraak. Een deel van het geld werd teruggegeven aan verdachte, terwijl de rest in bewaring werd gehouden ten behoeve van de rechthebbende.
De rechtbank sprak verdachte vrij van witwassen en bepaalde de teruggave en bewaring van het geld conform de omstandigheden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van witwassen wegens onvoldoende bewijs van criminele herkomst van het geld.