Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 juni 2018 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiseres
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 14 juni 2018.
Rechtbank Amsterdam
De rechtbank Amsterdam heeft op 14 juni 2018 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak waarin een Ghanese vrouw beroep instelde tegen het besluit van het UWV tot terugvordering van uitkeringen. Het UWV had vastgesteld dat de vrouw vanaf eind 2009 niet rechtmatig in Nederland verbleef vanwege de intrekking van haar verblijfsvergunning met terugwerkende kracht. Hierdoor had zij geen recht op Ziektewet-, Werkloosheidswet- en Wet arbeid en zorg-uitkeringen.
De vrouw betwistte dit en voerde aan dat zij rechtmatig verbleef gedurende de bezwaarprocedure tegen de intrekking en dat zij premies had afgedragen. Ook verzocht zij om matiging van de terugvordering vanwege haar financiële situatie. De rechtbank oordeelde dat het recht op uitkeringen gekoppeld is aan rechtmatig verblijf en dat het rechtmatig verblijf tijdens bezwaarprocedures niet leidt tot recht op uitkering. De intrekking met terugwerkende kracht betekent dat zij nooit rechtmatig verblijf had en dus ook geen recht op uitkeringen.
De rechtbank vond geen dringende redenen om af te zien van terugvordering en wees het beroep ongegrond. De vrouw had een betalingsregeling getroffen en leefde niet onder onaanvaardbare financiële omstandigheden door de terugvordering. Ook het verwijt van onvoldoende motivering en onzorgvuldig handelen van het UWV werd verworpen.
Uitkomst: Het beroep van de vrouw tegen de terugvordering van circa 60.000 euro aan uitkeringen is ongegrond verklaard.