Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
primair:(medeplegen van) gijzeling van [slachtoffer] (hierna: [slachtoffer] ) op 9 maart 2017;
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
GPS tracking device, oftewel een (peil)baken. Van dit Imei-nummer heeft de politie de historische gegevens opgevraagd, welke waren te herleiden tot de Volkswagen Golf van waaruit [slachtoffer] is ontvoerd. Op 17 juli 2017 is het baken met genoemd Imei-nummer aangetroffen onder de Volkswagen Golf van [slachtoffer] .
een anderte dwingen iets te doen of niet te doen, in casu tot betaling van 1 miljoen over te gaan. Alleen al daarom dient vrijspraak van de onder 1 primair ten laste gelegde gijzeling te volgen.
: “Judo dinsdag”. [slachtoffer] heeft verklaard dat hij op die dag met zijn kinderen naar judo gaat.
“ [kenteken] ”. Dit betreft het kenteken van de Volkswagen Golf van [slachtoffer] . Verder staat in de agenda van [medeverdachte 1] het Imei-nummer genoteerd van het peilbaken dat onder de Volkswagen Golf van [slachtoffer] bleek gemonteerd. Ook staat een aantal keer het woord “ [bijnaam] ” en “ [bijnaam] ) [bijnaam] ” genoteerd, hetgeen volgens [medeverdachte 1] de bijnaam is van [verdachte] . De rechtbank hecht geen waarde aan de stelling van [medeverdachte 1] dat genoemde informatie in zijn schrift en agenda ziet op een eerder gesloten drugsdeal. Al het voorgaande leidt ertoe dat de rechtbank niet anders kan dan vaststellen dat de informatie met betrekking tot het dagelijkse leven van [slachtoffer] die in het schrift en de agenda van [medeverdachte 1] is aangetroffen, een voorbereiding betreft ten behoeve van de ontvoering van [slachtoffer] op 9 maart 2017.
5.Bewezenverklaring
bijlage IIvervatte bewijsmiddelen bewezen dat [verdachte]
en vervolgens
en
en
en
en
en
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) jaar.
[slachtoffer], tot € 5.000,- (zegge: vijfduizend euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade te weten 9 maart 2017 tot aan de dag van de algehele voldoening. Dit bedrag bestaat uit immateriële schadevergoeding.