Uitspraak
gevestigd te Zwolle,
hierna te noemen: de Raad.
1.De procedure
2.De feiten
- [kind 1], geboren te [plaats] op [geboortedatum] 2004 en
- [kind 2], geboren te [plaats] op [geboortedatum] 2007.
Rechtbank Amsterdam
Partijen zijn gescheiden en oefenen gezamenlijk gezag uit over twee minderjarige kinderen. De moeder verzoekt om toestemming voor verhuizing naar de Verenigde Staten, waar zij een familiebedrijf wil overnemen en een hoger inkomen wil verwerven. De vader verzet zich tegen deze verhuizing en stelt dat de noodzaak ontbreekt en dat het belang van de kinderen bij continuïteit en frequent contact met beide ouders in Nederland prevaleert.
De rechtbank weegt de belangen van alle partijen, met bijzondere aandacht voor het belang van de kinderen. De moeder beschikt over een aanzienlijk vermogen en kan in Nederland in haar onderhoud voorzien, waardoor de financiële noodzaak voor verhuizing niet is aangetoond. Daarnaast is de timing van de verhuizing ongunstig gezien de leeftijd en schoolopleiding van de kinderen. De rechtbank acht de voorgestelde compensatie en bezoekregeling onvoldoende om het contact met de vader te waarborgen.
De rechtbank wijst het verzoek van de moeder af en verklaart dat de vader geen toestemming hoeft te verlenen voor de verhuizing. Het verzoek van de vader om een bijzondere curator te benoemen en om de moeder te verbieden de kinderen te belasten met voorbereidingen voor de verhuizing wordt eveneens afgewezen. Partijen worden aangemoedigd hun geschillen via mediation op te lossen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot verhuizing van de minderjarige kinderen naar de Verenigde Staten af wegens het ontbreken van een noodzaak en het belang van continuïteit in Nederland.