Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 18 mei 2017 met producties;
- de conclusie van antwoord met producties;
- het tussenvonnis van 18 oktober 2017, waarin een comparitie van partijen is bepaald;
- het proces-verbaal van comparitie van 12 januari 2018 en de daarin genoemde stukken;
- een brief van mr. Rutgers namens De Meerlanden c.s. van 25 januari 2018, met een reactie op het proces-verbaal;
- een faxbericht van mr. Pols namens AEB c.s. van 30 januari 2018, met de mededeling dat partijen er niet in zijn geslaagd een minnelijke regeling te treffen.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
Primaire vorderingen
€ 452,00(1,0 punt x tarief € 452,00)