Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
een (gericht) schot op [slachtoffer 2] bij het eerste moment.
5.Bewezenverklaring
6.Strafbaarheid van de feiten
wederrechtelijkeaanranding van verdachte door [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] of [naam 1] heeft plaatsgevonden, waardoor verdachte zich reeds om deze reden niet met succes op noodweer kan beroepen. Het verweer wordt verworpen.
7.Strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straf en maatregelen
[slachtoffer 1]vordert € 7.151,90 aan materiële schadevergoeding en € 7.500,- aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente.
€ 701,90aan materiële schadevergoeding toe, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
€ 4.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. De benadeelde partij zal voor het overige niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering.
[slachtoffer 2]vordert € 353,47 aan materiële schadevergoeding en € 7.500,- aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente.
€ 353,47aan materiële schadevergoeding toe, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd.
€ 4.000,-, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf het moment waarop het strafbare feit is gepleegd. De benadeelde partij zal voor het overige niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vordering.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
jeugddetentievan
14 (veertien) maanden.
de maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen.
[slachtoffer 1], toe tot
€ 4.701,90(vierduizend zevenhonderd en één euro en negentig cent)(materiële schade € 701,90, immateriële schade € 4.000,-). Veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer 1] , te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (15 november 2016) tot aan de dag van de algehele voldoening.
[slachtoffer 2], toe tot
€ 4.353,47(vierduizend driehonderddrieënvijftig euro en zevenenveertig cent)(materiële schade € 353,47, immateriële schade € 4.000,-). Veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan [slachtoffer 2] , te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade (15 november 2016) tot aan de dag van de algehele voldoening.