Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.De procedure
- het vonnis van 25 januari 2017 waarbij een comparitie van partijen is bepaald;
- het proces-verbaal van de op 24 augustus 2017 gehouden comparitie van partijen en de daarin vermelde stukken;
- de brieven van de advocaten van partijen met opmerkingen over het proces-verbaal.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
€ 2,5 miljoen. In die zin is het besluit dus onjuist. Dit leidt echter tot niets, want gesteld noch gebleken is dat als het UWV hier het correcte cijfer had vermeld, het besluit anders zou zijn uitgevallen.
3 ontslagen in 2012, nu de omzet zich vanaf 2012 minder dramatisch had ontwikkeld dan in de periode tussen 2009 en 2012. Met andere woorden: bij een minder slechte omzetontwikkeling dan in 2009-2012 zouden juist minder ontslagen worden verwacht dan bij de eerste reorganisatie. Het kwam het UWV, blijkens het besluit, ‘logisch’ voor dat de negatieve omzetontwikkeling tussen 2009 en 2012 al was verdisconteerd in de eerste reorganisatie. Hieruit werd geconcludeerd dat Stellingbouw niet had aangetoond dat de voorgenomen ontslagen proportioneel waren. Omdat het UWV alle aanvragen moet toe- of afwijzen – en dus niet een paar wel kan toewijzen en andere niet – zijn alle aanvragen om die reden afgewezen.
20 augustus 2013, wat niet had gehoeven als de ontslagvergunningen waren verleend. Het UWV heeft echter met stukken onderbouwd aangevoerd dat zij over deze periode het loon heeft doorbetaald. Ter zitting is hierop door Stebopa Montage gezegd dat het kan zijn dat het UWV ook loon heeft betaald, maar dat dat dan dubbel is gebeurd wat niet goed te begrijpen is. Daarmee heeft Stebopa Montage dus niet betwist dat het UWV de loonbetalingsverplichting heeft overgenomen, maar heeft zij nagelaten duidelijk te maken waarom zij daarnaast ook het loon nog zelf heeft voldaan. Bij die stand van zaken kan op dit punt geen schade worden vastgesteld die het UWV moet vergoeden.
20 augustus 2013 het geval zou zijn geweest. Indien het UWV het besluit zorgvuldig had genomen, dan had zij nadere informatie gevraagd bij Stellingbouw over de proportionaliteit. De aanvragen zouden dan niet op 30 mei 2013 zijn verleend, maar later, nadat Stellingbouw de gevraagde informatie had verstrekt. De rechtbank zal partijen in de gelegenheid stellen mee te delen wanneer in dat geval de vergunningen zouden zijn verleend en per wanneer, uitgaande van die datum, de arbeidsovereenkomsten opgezegd hadden kunnen worden. De pensioenpremies vanaf die laatste datum tot 20 augustus 2013 zijn vervolgens als schade toewijsbaar.