De rechtbank Amsterdam behandelde op 18 juli 2017 het verzoek tot overlevering van een Nederlandse onderdaan aan België op grond van een Europees aanhoudingsbevel (EAB) uitgevaardigd door de Rechtbank van Eerste Aanleg Antwerpen. De verdachte wordt verdacht van deelname aan een criminele organisatie en illegale handel in verdovende middelen, feiten die ook in Nederland strafbaar zijn.
De rechtbank stelde vast dat het EAB voldoet aan de wettelijke vereisten en dat de strafbare feiten voldoende zijn omschreven. Tevens is de garantie gegeven dat bij een veroordeling de straf in Nederland kan worden uitgezeten. Echter, vanwege ernstige zorgen over de detentieomstandigheden in Belgische gevangenissen, waaronder overbevolking en mogelijke schendingen van mensenrechten zoals geconstateerd door het Europees Comité voor de Preventie van Foltering (CPT) en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM), besloot de rechtbank het verzoek voorlopig aan te houden.
De rechtbank beveelt een heropening van het onderzoek om nadere informatie te verkrijgen over de detentieomstandigheden en de gevolgen van overbevolking in Belgische gevangenissen. De zaak wordt geschorst totdat de officier van justitie deze informatie heeft ingewonnen en de zitting wordt hervat op een nader te bepalen datum. Tegen deze tussenuitspraak staat geen gewoon rechtsmiddel open.