Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
mr. A.M. Lobregt en mr. S.M. van der Veen en van wat verdachte en zijn raadsman
mr. H.E. Brink naar voren hebben gebracht.
2.Tenlastelegging
bijlage Idie aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
[medeverdachte 1] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 4] hadden, elkaar afwisselend, de beschikking over de dealtelefoon. Zij stuurden elkaar, maar ook [medeverdachte 2] en verdachte, aan om naar klanten toe te gaan en de deals te sluiten. Verdachten waren goed op elkaar ingespeeld, spraken over de telefoon in versluierd taalgebruik met elkaar en hadden vaak aan een naam van een klant of een straatnaam genoeg informatie om te weten wat er van hen werd verlangd: het leveren van cocaïne. De klant sprak doorgaans niet over de telefoon uit hoeveel cocaïne hij of zij nodig had. Hieruit maakt de rechtbank op dat verdachten kennelijk altijd een voorraad cocaïne bij zich hadden. Ook werd zelden gesproken over geld. Klanten wisten, zoals de getuigen verklaren, dat er € 50,- betaald moest worden voor een gram cocaïne. Dat ging immers al jaren op dezelfde manier. Ook hielden verdachte, [medeverdachte 4] , [medeverdachte 3] en [medeverdachte 1] zich op verschillende momenten bezig met het inkopen van cocaïne. Daarnaast is onder verdachte een weegschaal met resten van cocaïne aangetroffen, waaruit kan worden opgemaakt dat verdachte zich ook heeft beziggehouden met het afwegen van de cocaïne en het gereed maken van de cocaïne voor de verkoop. In deze structuur hebben verdachte en medeverdachten geruime tijd intensief met elkaar samengewerkt.
5.Bewezenverklaring
bijlage IIvervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte
[medeverdachte 4] , welke tot oogmerk had het plegen van misdrijven strafbaar gesteld in de Opiumwet, namelijk:
- inkopen en verkopen en vervoeren en opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne en
- hebben van (al dan niet) versluierde telefonische en directe contacten met andere deelnemers aan voornoemde organisatie en/of kopers;
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.Voorlopige hechtenis
10.Beslag
bijlage IIIaan dit vonnis gehecht en de inhoud daarvan geldt als hier ingevoegd.
11.Toepasselijke wettelijke voorschriften
12.Beslissing
[verdachte], daarvoor strafbaar.
een gevangenisstrafvan
24 (vierentwintig) maanden.
een gedeelte, groot 6 (zes) maanden, van deze gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij later anders wordt gelast.