Uitspraak
regio Amsterdam,
locatie Amsterdam,
hierna te noemen: de Raad.
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
totde ontbinding van de huwelijksgoederengemeenschap in de gemeenschap van goederen valt. Ongeacht het vorenstaande staat vast dat een voorschot van € 32.268,90 niet strekt ter derving van de in de toekomst door de man te derven inkomsten ten gevolge van zijn verminderde verdiencapaciteit. Deze voorschotuitkering is derhalve niet verknocht aan de man, valt binnen de gemeenschap en dient in de verdeling voor de helft ad € 16.134,45 aan de vrouw worden toebedeeld, aldus nog steeds de vrouw.
5.De beslissing
echtscheidinguit tussen partijen, gehuwd te [plaats] op [datum] 1988;