Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
[veroordeelde] ,
advies van [kliniek] van 11 oktober 2017blijkt het volgende, zakelijk weergegeven:
[veroordeelde]voornoemd met één jaar.
Rechtbank Amsterdam
De verdachte, een man met een autismespectrumstoornis en verstandelijke beperking, werd bij arrest van het gerechtshof Amsterdam in 2002 ter beschikking gesteld en ondergaat sindsdien behandeling in een forensisch psychiatrisch centrum (FPC). In 2015 werd de terbeschikkingstelling voor twee jaar verlengd. De officier van justitie verzocht opnieuw om verlenging met één jaar.
Het behandelteam rapporteerde dat de verdachte in 2016 een relatief stabiele periode kende, maar na het stopzetten van medicatie in augustus 2017 snel gedragsinstabiliteit vertoonde, waaronder verbaal grensoverschrijdend gedrag, opvliegendheid en verhoogde achterdocht. Dit leidde tot een verhoogd recidivegevaar, vooral bij het hervatten van middelengebruik.
De deskundige bevestigde dat de verdachte inmiddels weer medicatie gebruikt en dat zijn situatie verbeterd is. De rechtbank oordeelde dat de veiligheid van anderen en de algemene veiligheid dit vereisen en verlengde de terbeschikkingstelling met één jaar. De raadsman van de verdachte verwees naar het oordeel van de rechtbank.
Uitkomst: De rechtbank verlengt de terbeschikkingstelling met één jaar vanwege verhoogd recidivegevaar.