Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van de feiten
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
[persoon 1]vordert in totaal € 5.246,00, waarvan € 4.146,00 aan materiële schadevergoeding en € 1.100,00 aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het ontstaan van de schade tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 5.246,00(vijfduizend tweehonderdzesenveertig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het ontstaan van de schade tot aan de dag der algehele voldoening.
[persoon 2]vordert in totaal € 7.498,05, waarvan € 1.498,05 aan materiële schadevergoeding en € 6.000,00 aan immateriële schadevergoeding, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het ontstaan van de schade tot aan de dag der algehele voldoening.
€ 3.470,05(drieduizend vierhonderdzeventig euro en vijf cent), te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van het ontstaan van de schade tot aan de dag der algehele voldoening.
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Beslissing
97 (zevenennegentig) dagen.
[persoon 1], wonende te Amsterdam, toe tot
€ 5.246,00(vijfduizend tweehonderdzesenveertig euro), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.
[persoon 1]voornoemd.
[persoon 2], wonende in Bulgarije, toe tot
€ 3.470,05(drieduizend vierhonderdzeventig euro en vijf cent), te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf het moment van het ontstaan van de schade tot aan de dag van de algehele voldoening.