Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
de besloten vennootschap Resources Pension & Risk B.V.,
de stichting Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten,
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
in conventie en reconventie
- de conclusie van dupliek tevens repliek in reconventie, met productie, van StiPP;
GRONDEN VAN DE BESLISSING
in conventie en reconventie
Feiten en omstandigheden
“(…)
Het deelnemen in de Stichting Pensioenfonds voor Personeelsdiensten is verplicht gesteld voor uitzendkrachten die op basis van een uitzendovereenkomst werkzaam zijn voor een uitzendonderneming (…).
Hierbij wordt verstaan onder:
• uitzendonderneming:
de natuurlijke of rechtspersoon die voor ten minste 50 procent van het totale premieplichtig loon op jaarbasis uitzendkrachten ter beschikking stelt van (uitzendt naar) opdrachtgevers, zijnde de werkgever in de zin van artikel 7:690 van Pro het Burgerlijk Wetboek.
• uitzendovereenkomst:
de arbeidsovereenkomst, waarbij de ene partij als werknemer door de andere partij als werkgever in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van die werkgever ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan die werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde.
(…)”
“Het managen en/of (doen) uitvoeren van projecten, het uitbrengen van advies alsmede het ter beschikking stellen van tijdelijke expertise. Het in verband hiermee aangaan van overeenkomsten met (rechts-)personen en samenwerkingsvormen. Het begeleiden van al deze opdrachten, het geven van adviezen etcetera, en voorts het deelnemen in, het financieren van, het zich op andere wijze interesseren bij en het voeren van beheer over andere ondernemingen of rechtspersonen en het zich verbinden voor verplichtingen van groepsmaatschappijen en het verrichten van al hetgeen met het voorgaande verband houdt of daaraan bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin van het woord.”
“1. Werknemer treedt in dienst als Project Consultant bij werkgever (ktr: RPR) (…) teneinde werkzaamheden te verrichten ten behoeve van door werkgever te bepalen opdrachtgever. Iedere opdracht wordt door werkgever aan de werknemer schriftelijk bevestigd, onder vermelding van eventuele bijzonderheden die gelden voor de duur van de opdracht. (…)
3. Werknemer rapporteert aan de Directeur Resources Pension & Risk, te weten (…), die deze bevoegdheid gedelegeerd heeft aan de heer/mevrouw ...
4. De werknemer is verplicht zich bij de uitoefening van zijn werkzaamheden te houden aan de van overheidswege en door zijn beroepsorganisatie vastgestelde voorschriften (…).”
- ingeval van ziekte of ongeval dient werknemer de geldende ziekteverzuimvoorschriften van het Handboek Personeel in acht te nemen.
- werknemer houdt tijdens ziekte gedurende de eerste 52 weken van arbeidsongeschiktheid recht op 100% van zijn salaris en daarna 70%.
- het opnemen van vakantiedagen geschiedt in overleg met de werkgever, die vijf verplichte vrije dagen kan vaststellen in overleg met de OR (artikel 3 sub Pro 1.2 en 2.1).
- Project Consultants dienen verlof ook af te stemmen met Client Services Staff en opdrachtgever (artikel 3 sub Pro 2.2).
- voor zover niet op het eigen kantoor wordt gewerkt maar op kantoren van cliënten, gelden als kantooruren de uren die bij de cliënt gebruikelijk zijn, met inachtneming van een middagpauze van minimaal een half uur (artikel 5 sub Pro 2).
- in geval van ziekte, dient de werknemer dat zo spoedig mogelijk te melden aan de afdeling HR, die de direct leidinggevende informeert. De Project Consultants dienen ook de Client Services Staff en opdrachtgever op de hoogte te stellen in verband met de voortgang en de verdere planning van de werkzaamheden (artikel 6.1). Ook de hersteld melding dient te geschieden bij HR van RPR en niet bij de opdrachtgever.
Vordering
in conventiete verklaren voor recht dat zij niet valt onder de verplichtstelling in de zin van de Wet Bpf 2000 om deel te nemen in StiPP, met veroordeling van StiPP in de gedingkosten, inclusief nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover met ingang van veertien dagen na vonnisdatum.
Verweer en tegeneis
in reconventie, RPR te veroordelen om binnen zeven dagen na betekening van het vonnis aan haar te betalen:
- € 223.581,36 aan ambtshalve pensioenpremies over de jaren 2008, 2009, 2010 en 2011;
- € 108.869,78 aan pensioenpremies over de jaren 2012 en 2013;
- de wettelijke rente over genoemde bedragen vanaf 7 april 2014;
- de kosten van het geding.
Beoordelingin conventie
kunnenworden gegeven en dat niet vereist is dat daadwerkelijk aanwijzingen en instructies over de werkinhoud worden gegeven. Dat moge zo zijn, maar daarmee toont StiPP nog niet aan dat die bevoegdheid feitelijk bij de derde is komen te liggen en is overgedragen door RPR. Allereerst wordt verwezen naar hetgeen is vooropgesteld onder 13. StiPP stelt daarnaast weliswaar dat uit artikel 2.1 van de arbeidsovereenkomst volgt dat de instructiebevoegdheid voor de periode van detachering bij de opdrachtgever ligt, doch laat na om dit toe te lichten. Gelet op de formulering van deze bepaling lag dat wel op de weg van StiPP. Er wordt in voornoemd artikel 2.1. immers slechts vermeld dat eventuele bijzonderheden die gelden voor de duur van de detachering schriftelijk worden bevestigd. StiPP heeft ook niet gesteld dat uit deze schriftelijke bevestigingen blijkt dat de zeggenschap is overgedragen door RPR.
in reconventie
BESLISSING
in conventie
exploot € 77,52
salaris € 1.400,00
griffierecht € 115,00
-----------------
totaal € 1.592,52
voor zover van toepassing, inclusief btw;