Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis van de kantonrechter
[opposant]
[geopposeerde]
VERLOOP VAN DE PROCEDURE
- instructievonnis;
- incidentele conclusie van [opposant] houdende een vordering tot een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 223 Rv Pro;
- conclusie van antwoord in het incident van [geopposeerde] , tevens houdende een vordering tot niet ontvankelijkheid;
GRONDEN VAN DE BESLISSING
Feiten
Vordering en verweer [opposant]
Vordering en verweer [geopposeerde]
€ 500,00 zou ontvangen. [opposant] zou dit samen met [partner] doen, maar omdat beiden een conflict kregen wilde [partner] niet meer met [opposant] samenwerken. [opposant] heeft daarna schade toegebracht aan de vloer van [naam] , die hij niet meer kon herstellen. De schade bedraagt € 5.754,00, waarvoor [geopposeerde] aansprakelijk is gesteld door [naam] maar die [opposant] dient te voldoen omdat hij deze heeft veroorzaakt. Omdat [opposant] stelde dit bedrag niet (volledig) te kunnen betalen is [geopposeerde] aanvankelijk akkoord gegaan met betaling door [opposant] van de helft van dit bedrag, mits dit binnen veertien dagen zou gebeuren. [opposant] is in gebreke gesteld bij brief d.d. 4 april 2012. Ondanks aanmaning blijft [opposant] in verzuim met het vergoeden van de schade, reden waarom [geopposeerde] haar vordering uit handen heeft moeten geven.