Uitspraak
RECHTBANK AMSTERDAM
1.[eiser] ,
[eiseres],
[leerling] ,
Rechtbank Amsterdam
De ouders van een hoogbegaafde brugklasleerling vorderden dat Het Amsterdams Lyceum hun zoon zou bevorderen naar de tweede klas, ondanks dat hij niet aan de overgangsnorm voldeed. De leerling had drie onvoldoende cijfers, waaronder een 5 voor het vak Fast Lane English. De school besloot tot doubleren, wat door de ouders werd bestreden met het argument dat bijzondere omstandigheden, zoals hoogbegaafdheid en een incident met de mentor, niet voldoende waren meegewogen.
Tijdens de zitting werd een pedagoog gespecialiseerd in Gifted Education gehoord, die stelde dat de leerling door zijn hoogbegaafdheid en de situatie op school extra achterstand had opgelopen en dat doubleren nadelig zou zijn voor zijn ontwikkeling. De school voerde aan dat het oordeel over het niet bevorderen een professioneel oordeel is dat slechts marginaal kan worden getoetst en dat de overgangsnormen terecht waren toegepast.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de school in redelijkheid tot haar beslissing heeft kunnen komen. Het oordeel over het onvoldoende beheersen van het vak Engels kon niet worden herzien, en de school had de bijzondere omstandigheden, waaronder het incident met de mentor en de hoogbegaafdheid, wel degelijk meegewogen. De vordering van de ouders werd afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek af en bevestigt dat de leerling het eerste leerjaar moet doubleren.